Faculteit

Faculteit

Wiskunde en Informatica

Lotgevallen

Facultair Verslag

1995

INHOUDSOPGAVE

1 Algemeen/missie 1

1.1 Onderzoek 1

1.2 Onderwijs 1

2 Onderwijs 3

2.1 Inleiding 3

2.I.1 De sector Informatica 3

2.I.2 Eerste fase onderwijs 3

2.I.3 Het tweede fase onderwijs sector Informatica 8

2.I.4 PAO-cursussen 9

2.W.1 De sector Wiskunde 9

2.W.2 Eerste fase onderwijs 9

2.W.3 Tweede fase opleidingen 14

2.W.4 Cursussen in de derde geldstroom 16

2.5 Kwaliteitsbewaking 17

3 Onderzoek 18

3.1 Beschrijving van het gevoerde onderzoekbeleid op facultair niveau; algemeen 18

3.2 Onderzoekscholen 18

3.3 Bevordering en beheersing van de onderzoekkwaliteit 20

3.4 Instellingsbeleidsruimte en beleid ten aanzien van tweede en derde

geldstroom 20

3.4.1 Instituut Wiskundige Dienstverlening 20

3.4.2 Software Technologie Expertise Centrum (STEC) 21

3.5 AIO-beleid 21

3.6 Verantwoording van de onderzoekinput 22

3.7 Tabellen wetenschappelijke input 23

3.8 Overige programma's en of thema's 37

3.8.1 Computers In Mathematical Education 37

3.9 Vakgroepenoverzicht 37

3.9.1 Vakgroep Analyse (A) 37

3.9.2 Vakgroep Besliskunde & Stochastiek (B&S) 38

3.9.3 Vakgroep Discrete Wiskunde (DW) 39

3.9.4 Vakgroep Informatica (I) 39

4.1 Ondersteuning en beheer 40

4.2 Personeelsbeleid 40

4.3 Apparatuurbeleid 41

5 Exploitatierekening 43

Bijlage A. Voortgang onderzoek 46

1.1 Verslag BETA en Stieltjes Instituut 47

1.2 Verslag DISC 52

1.3 Verslag EIDMA 55

1.4 Verslag STEVIN Centrum 61

1.5 Verslag Tinbergen Instituut 69

1.6 Verslag IPA 70

1.7 Verslag SIKS 83

Bijlage B. Onderzoekresultaten 86

1 Onderzoekscholen Sector Wiskunde 87

1.1 BETA 87

1.2 DISC 91

1.3 EIDMA 92

1.4 STEVIN Centrum 99

1.5 Stieltjes Instituut 105

1.6 Tinbergen Instituut 106

2 Onderzoekscholen Sector Informatica 106

2.1 IPA 106

2.2 SIKS 118

3 Vakgroepen 121

3.1 Vakgroep Analyse 121

3.2 Vakgroep Besliskunde en Stochastiek 127

3.3 Vakgroep Discrete Wiskunde 135

3.4 Vakgroep Informatica 140

Bijlage C. Overige onderwijs- en onderzoekactiviteiten 152

1 Symposia, cursussen, gastdocentschappen, advisering 153

2 Promoties 158

3 Bezoek aan internationale congressen en buitenlandse instituten 159

4 Ontvangen gasten 167

5 Onderscheidingen 169

Bijlage D. Organisatorische en/of commissiewerkzaamheden buiten de

faculteit 170

1 Vakgroep Analyse 171

2 Vakgroep Besliskunde en Stochastiek 173

3 Vakgroep Discrete Wiskunde 177

4 Vakgroep Informatica 178

Bijlage E. Colloquia 184

1 Werkseminarium Numerieke Wiskunde 185

2 Colloquium Domein Decompositie 186

3 Colloquium Numerieke Methoden voor het oplossen van Stokes en

Navie-Stokes vergelijkingen 186

4 Wiskunde-Informatica colloquium 187

5 Stevin Colloquium 187

6 Mathematics of Programming (MoP) meetings 188

7 Eindhoven Optimization Seminar 1995 189

8 ZIC Colloquia 1995 191

9 EIDMA Seminar Combinatorial Theory 193

10 EIDMA Seminar Coding, Crypto & Information Theory 195

11 Stevin Symposium gehouden in Rolduc op 27 en 28 november 1995 196

12 POSTERS Ontwerpersopleidingen 197

Bijlage F. IWDE 198

Bijlage G. Ontwerpersopleidingen 205

1 Wiskunde voor de Industrie 206

2 Technische Informatica 210

Bijlage H. Personalia 213

1 Bestuur en beheer 214

2 Samenstelling vakgroepen 215

3 Ontwerpersopleidingen 222

4 Bureau van de faculteit 224

5 Faculteitscommissies 225

Bijlage I. Sociaal Verslag 229

3 Personeelslasten 1995 230

3.1 Specificatie personeelslasten over 1e en 2e/3e geldstroom 230

3.2 Specificatie personele lasten over de vak- onderwijsgroepen en bureau 231

3.3 Specificatie overige personele lasten 232

4 Cijfermatige gegevens 233

4.1.1 Bezetting naar leeftijdscategorie 233

4.1.2 Bezetting naar functiecategorie 233

4.1.3 Verdeling deeltijdfuncties in fte's 234

4.1.4 Bezetting naar functiecategorie 235

4.2 Instroom naar functiecategorie 236

4.3 Vacatures en sollicitaties 236

4.4 Interne mobiliteit 237

4.5 Wijzigingen in salarisschaal 237

4.6 Bijzondere beloningen 238

4.7 Studiefaciliteiten 239

4.8 Ziekteverzuim 240

4.9 Verloop 240

4.10 Reden verloop 240

Bijlage J. Verenigingen van (oud-)studenten 241

1 Gemeenschap van Wiskunde en Informatica Studenten (GEWIS) 242

2 Vereniging van Informatica-ingenieurs Eindhoven (VIE) 244

3 Vereniging voor Wiskundig ingenieurs Eindhoven (WIRE) 249

1. Algemeen

1995 stond voor de faculteit Wiskunde en Informatica in het kader van de voorbereiding van de reorganisatie die gezien het financiële perspectief onvermijdelijk bleek. Eind oktober 1995 had de faculteit haar reorganisatieplan gereed en is de procedure om te komen tot implementatie van de reorganisatie gestart. Toestemming voor de implementatie is in het verslagjaar niet verkregen.

1.1 Onderzoek

Na de afloop van de voorwaardelijk gefinancierde onderzoeksprogramma's van de faculteit blijkt vrijwel het gehele onderzoek ondergebracht te zijn in onder­zoekscholen. Van het "Euler Institute for Discrete Mathematics and its Applica­tions" (EIDMA), en de onderzoekschool "Programmatuurkunde en Algoritmiek" (IPA) is het penvoerderschap bij de faculteit gelegd. Voor EIDMA permanent, voor IPA de eerste 5 jaar.

De faculteit is voorts actief betrokken bij de volgende onderzoekscholen:

- "Stevin Centrum"

- "Institute for Business Engineering and Technology Application" (BETA)

- de onderzoekschool "Informatie en Kennissystemen" (SIKS)

- de onderzoekschool "Dutch Institute of Systems and Control" (DISC)

Daarnaast is aansluiting gezocht bij het Stieltjes Instituut. Op individuele basis is er contact met het Tinbergen Instituut. Ten slotte zijn enkele personen betrokken bij de plannen voor de onderzoek­school voor Telematica en Informatica (OTI).

IPA, BETA en SIKS zijn in het verslagjaar officieel opgericht (beide functioneerden de facto al langer). Gezien de noodzaak tot heroriëntatie op de toekomst, zijn er aan de onder­zoek­scholen dit jaar slechts onder voorbehoud garanties voor de omvang van de deelnames afgegeven.

In het ver­slagjaar is de onderzoeksinspanning zoals verwacht afgenomen t.o.v. 1994. Deze daling heeft met name betrekking op de sector wiskunde waar de inspanning is gedaald van 45.3 tot 38.6 fte. In voorgaande jaren is er in de begroting geld vrijgemaakt voor de stimulering van onderzoek door het aantrekken van post-doc's, research fellows en het aanstellen van extra AIO's (de "marge-gelden"). Voor de post-doc's werd bovendien gebruik gemaakt van de stimuleringsregeling van het College van Bestuur voor dergelijke functies. De "marge" is in het kader van de bezuini­gingen in 1994 gehalveerd, dat wil zeggen dat er geen nieuwe verplichtingen aangegaan zijn, en in het verslagjaar nog verder teruggedraaid. Een andere oorzaak voor de daling in onderzoeksinspanning betreft de door het faculteitsbestuur in het kader van de reorganisatie gehanteerde vacaturestop voor vaste functies en stimulering van uittreding van VUT-gerechtigden. Tenslotte heeft een beleidswijzi­ging bij NWO ertoe geleid dat de faculteit in mindere mate dan voorgaande jaren oio-plaatsen heeft kunnen verwerven, hoewel ten opzichte van 1994 een lichte groei waarneembaar is van 9.6 fte naar 11,1 fte.

Gezien de afname van de onderzoeksinspanning is het niet verwonderlijk dat ook de onderzoeksout­put is afgenomen. In totaliteit is het aantal publicaties met 12 afgenomen t.o.v. 1994. Bovendien is een verschuiving waarneembaar van wetenschappelijke publicaties naar vakpublicaties en populari­serende publicaties. Dit laatste is mogelijk een gevolg van een stringentere hantering van de in 1994 door de VSNU geïntroduceerde definities. In 1995 werden slechts 8 promoties afgerond. Gestreefd wordt naar tenminste 10 promoties per jaar.

1.2O­n­de­r­w­ijs

De aa­n­w­e­zi­gheid van twee studierichtingen binnen de faculteit biedt goede mogelijkheden voor een speciale profilering. De faculteit heeft in september 1990 de mogelijkheid geschapen voor studenten met meer dan gewone aanleg om met betrekkelijk weinig extra inspanning een gecombineerd programma wiskunde en informatica te volgen zodat de student na de P-fase kan beslissen om de studie in de Technische Wiskunde dan wel in de Technische Informatica voort te zetten.

Vanaf september 1992 wordt een gezamenlijk P-curriculum wiskunde en natuurkunde aangeboden. W­is­ku­nde en na­tu­ur­ku­nde zijn nauw met elkaar verweven, ook historisch gezien. Enerzijds is een

groot deel van de wi­s­ku­nde duidelijk geïnspireerd door behoeften uit de natuur­kunde. Anderzijds blijkt soms de wiskunde op verrassende wijze te anticiperen op de natuur­kunde. Zowel bij de wiskun­destudie als de natuurkundestudie ontbreekt complementaire kennis. Door een uitgebalan­ceerde keuze uit zowel het wiskunde- als het natuurkundeprogram­ma is een apart P-programma sameng­esteld, dat voor degenen die het aankunnen leidt tot een P-examen in zowel de natuurkunde als de wiskunde. Studenten zijn hierdoor in de gelegenheid hun definitie­ve studiekeu­ze na het eerste studiejaar te maken.

Binnen de sector Informatica wordt een verkorte 2-jarige opleiding voor HIO-afgestudeerden en m.i.v. september 1992 een verkorte 3-jarige opleiding voor HTO-afgestudeerden aangebo­den.

1995 is het jaar van de onderwijsvisitaties van de faculteit. De opleiding Technische Wiskunde is in oktober gevisiteerd, de opleiding Technische Informatica net na de jaarwisseling in 1996. Beide opleidingen worden in zijn algemeenheid als goed gekwalificeerd, hoewel zij op punten voor verbete­ring vatbaar zijn. De adviezen voor verbetering worden door de faculteit serieus opgevat.

Het ontwerpen van nieuwe 5-jarige curricula heeft in de verslagperiode een grote inspanning van vele betrokkenen gevergd. Voor Informatica ging dit gepaard met het voltooien van de zelfstudie voor de aanstaande visitatie. Daarnaast werd in toenemende mate aandacht opgeëist door de aanstaande ingrijpende reorganisatie, hetgeen maakte dat het jaar 1995 evenals het voorgaande jaar een uitputtend onderwijsjaar genoemd mag worden.

Naast onderwijs in de eigen studierichting verzorgt de faculteit veel serviceonder­wijs voor andere faculteiten. De toenemende differentiatie van programma's vereist een op maat gesneden serviceon­derwijs aanbod. Teneinde goed op de hoogte te zijn van de wensen dienaangaande voert het faculteitsbestuur sinds 1993 jaarlijks bilateraal overleg met de ­ service-ontvangende facultei­ten.

Het belang van goede public relations wordt ten volle door de faculteit onderkend. De personele inzet is op het hoge peil (1.5 fte) gecontinueerd.

In het kader van de PR heeft de faculteit in 1993 besloten jaarlijks vier studiebeurzen uit te loven voor begaafde studenten die een studie Technische Wiskunde en/of Technische Informatica aan de TUE beginnen. Aan deze beurzen zijn de namen van prof.dr. N.G. de Bruijn en prof.dr. E.W. Dijkstra verbonden. Een beurs bestaat uit twee bedragen van  2500,00. Het eerste bedrag wordt toegekend in het eerste studiejaar, het tweede in het tweede studiejaar, mits het P-examen in één jaar is behaald en de studie aan onze faculteit wordt voortgezet.

De Internationale Informatica Olympiade, die van 26 juni tot 3 juli op de campus van de TUE werd georganiseerd, is een geweldig succes geworden. Zo'n 300 middelbare scholieren uit 56 landen hebben aan dit evenement deelgenomen. Bij deze gelegenheid heeft de TUE twee vermeldingen in het Guinness Book of Records gerealiseerd met de grootste parallelle computersimulatie en met het grootste computerspel.

2 Onderwijs

2.1 Inleiding

In dit verslag zijn een aantal statistische en kwalitatieve gegevens over de opleidingen opgenomen. Hiervoor is een selectie gemaakt uit de gegevens van het Statistisch Jaarboek TUE 1995. De voor de minister relevante gegevens/kengetallen zullen bovendien opgenomen worden in het Onderwijs Verslag TUE 1995. Voor uitvoeriger cijfermateriaal wordt dan ook verwezen naar genoemde edities.

Waar relevant wordt ingegaan op de ontwikkelingen die zich hebben voorgedaan in het verslagjaar.

2.I.1 De sector Informatica

2.I.2 Eerste fase onderwijs

Initiële opleiding tot informatica-ingenieur.

De verlenging van de studieduur met ingang van het studiejaar 1995-1996 heeft voor de opleidingen die binnen de sector Informatica worden aangeboden de volgende consequenties:

- de gewone 4-jarige opleiding tot informatica-ingenieur, met na het eerste jaar een keuze mogelijk­heid voor de studievariant Bedrijfsinformatica, wordt omgevormd tot een 5-jarige opleiding;

- de 3-jarige opleiding tot informatica-ingenieur voor afgestudeerden van een HTO-opleiding Technische Computertechniek wordt omgevormd tot een opleiding van 3 jaar en 2 trimesters;

- de 2-jarige opleiding tot informatica-ingenieur voor afgestudeerden van een HIO-opleiding wordt omgevormd tot een opleiding van 2 jaar en 1 trimester.

Het nieuwe 5-jarige curriculum voor de informatica-opleiding is gestart in september 1995. Het eerste jaar heeft geen drastische wijzigingen ondergaan ten opzichte van het bestaande eerste jaar; de volgende jaren worden zo veel mogelijk in samenhang herzien en achtereenvolgens ingevoerd. Tegelijkertijd wordt het 5-jarig curriculum voor de variant Bedrijfsinformatica ontwikkeld en ingevoerd. Voor de tussengeneratie (één jaargang) Bedrijfsinformatica-studenten die nog het 4-jarig programma volgen zijn speciale regelingen van kracht. De verkorte opleidingen die grotendeels bestaan uit vrijstellingsregelingen sluiten aan op het nieuwe 5-jarige programma. Als verantwoordelijke voor het 1e fase onderwijs en dus mede voor de her-programmering van het curriculum is in het verslagjaar een curriculumcoördinator benoemd.

In 1995 is de visitatie van de opleiding Technische Informatica voorbereid. De visitatie heeft plaatsge­vonden in januari 1996. Het min of meer samenvallen van de programmering van het nieuwe curriculum en de visitatie heeft tot voordeel dat de aanbevelingen van de visitatiecommissie op korte termijn geeffectueerd kunnen worden in het nieuwe curriculum.

Het grote belang dat de maatschappij heeft bij hooggekwalificeerde informatica-ingenieurs rechtvaar­digt ten volle de extra inspanningen die de faculteit zich getroost om voornoemde 2- en 3-jarige opleidingen in stand te houden.

Sinds het studiejaar 1990-1991 bestaat voor studenten de mogelijkheid om een gecombineerde propedeuse Wiskunde en Informatica te volgen. De verlenging van studieduur brengt hierin geen verandering. In de statistische gegevens worden deze studenten als informatica-studenten be­schouwd.

Service-onderwijs

Naast de opleiding tot informatica-ingenieur wordt service-onderwijs in de informatica gegeven voor de andere opleidingen van de TUE. De faculteit beschouwt dit als een uiterst belangrijk onderdeel van haar taak. De omvang van het service-onderwijs bedraagt thans ongeveer 4 fte. Er zijn verschil­lende soorten in dit onderwijs te onderscheiden:

- inleidend programmeeronderwijs (voor alle faculteiten behalve N)

- een substantiële bijdrage aan verplichte vakken en keuze vakken in een studierichting (IT, Wsk en BDK)

- min of meer losse vakken, gekozen door enkele studenten uit andere studierichtingen.

Sommige opleidingen neigen ertoe om hun eigen inleidend informatica-onderwijs te (gaan) verzor­gen. De faculteit vindt dit geen goede zaak en wordt in deze opvatting gesteund door de Visitatie commissie Informatica (1996). Op het gebied van informatica-onderwijs in de latere fase van de studie meent de faculteit de andere studierichtingen meer te kunnen bieden dan nu wordt gevraagd.

De toenemende informatisering van de maatschappij vraagt immers een steeds meer geavanceerde informaticakennis van de afgestudeerden van alle opleidingen. De faculteit staat open voor overleg hierover. In dit overleg heeft de faculteit een open oog voor de wensen van de andere opleidingen. Voor het met succes volgen van keuzevakken in de informatica is het echter onontbeerlijk dat de basiskennis door de faculteit Wiskunde en informatica wordt aangebracht.

Instroom en doorstroom studierichting Technische Informatica

In figuur 1 zijn de aantallen eerstejaars studenten informatica over de afgelopen 11 jaar weergege­ven.

Uit het overzicht blijkt dat de instroom sinds 1987 afneemt maar in 1995 weer een toename vertoont. Het dieptepunt was 1994 met een instroom van 68 eerstejaars. De TUE als totaal kende tot nu toe in 1990 de grootste instroom. De daling van het aantal eerstejaars informati­ca-studenten kan toege­schreven worden enerzijds aan de afname van de eerstejaars populatie, anderzijds aan een afne­mende belangstelling voor exacte studies bij aankomende studenten. In tegenstelling tot de verwach­ting is de instroom in 1995 t.o.v. de instroom in 1994 niet verder teruggelopen en de vooraanmeldingscij­fers voor 1996 duiden op een verdere toename van het aantal eerstejaars. De sterk aangetrokken arbeidsmarkt voor informatici en de succesvolle voorlichting en PR (o.a. de Internationale Informatica Olympiade) zijn hieraan wellicht debet.

In 1995 zijn twee vrouwelijke studenten gestart met de opleiding. Gemiddeld over de laatste 11 jaar bedraagt het percentage vrouwelijke 1e jaars 7.

In de jaren 1990, 1991, 1992, 1993, 1994 en 1995 zijn respectievelijk 4, 12, 14, 10, 16 en ?? studenten gestart met het gecombineerde propedeuse-programma. In § 2.W.2.1 is aangegeven welke resultaten deze studenten behaald hebben.

Figuur 1

In figuur 2 is de frequentieverdeling van het gemiddelde VWO-eindexamencijfer van de eerstejaars studenten informatica met een VWO-opleiding weergegeven.

Uit het overzicht blijkt dat de informatica-opleiding studenten trekt met een hoger gemiddeld eind­examencijfer dan de gemiddelde TUE eerstejaars student. Toch heeft 34.5% van de eerstejaars een gemiddeld eindexamencijfer onder de 7.

Voor de exacte vakken die alle informatica-eerstejaars met VWO gevolgd hebben is de situatie als volgt: voor natuurkunde heeft 16.4% minder dan een 7, voor wiskunde B heeft 20% minder dan een 7. Van de 45 eerstejaars die scheikunde in hun pakket hadden heeft 17.8% minder dan een 7. Van de 15 eerstejaars die biologie in hun pakket hadden heeft 13.3% minder dan een 7.

De waarschuwing van de Technische Universiteiten aan aspirant-studenten voor de geringe slaag­kans bij een cijfer lager dan een 7 voor de wiskunde en/of exacte vakken is blijkbaar ook dit jaar door een niet onaanzienlijk deel van de eerstejaars genegeerd.

Op grond van dit verschijnsel heeft de Visitatie commissie Wiskunde en Informatica in 1990 gecon­cludeerd dat men moet verwachten dat het studierendement geen maatstaf is voor de kwaliteit van het onderwijs. De vrije studenteninstroom impliceert tevens dat het hanteren van streefrendementen voor het propedeutisch examen niet erg zinvol is.

Figuur 2

In figuur 3 zijn de aantallen ingeschrevenen over de jaren 1985 tot en met 1995 weergegeven.

Sinds 1982 is het aantal ingeschrevenen gegroeid tot en met 1988; sindsdien neemt dit aantal af.

Figuur 3

Rendementen

De P-rendementen

In figuur 4 zijn de P-rendementen van de afgelopen 6 jaren weergegeven.

De generatie 1988 was de laatste generatie in het oude studieprogramma. Dit studieprogram­ma werd herzien mede vanwege het lage P-rendement na 1 jaar. De extra begeleiding die deze bezemklas heeft ontvangen heeft mogelijk een positief effect gehad op de studieresultaten. Het P-rendement na 1 jaar van de generatie 1989 (het nieuwe curriculum) is iets lager dan dat van de generatie 1988. De generaties 1990 en 1991 hebben een zeer bevredigend P-rendement na 1 jaar (oplopend van ca. 30% tot 40%) behaald. Het P-rendement van de generatie 1993 blijft weer achter bij de voorgaande jaren. De indruk bestaat dat deze generatie bestaande uit verhoudingsgewijs zeer goede studenten de zwaarte van de opleiding enigszins onderschat heeft. Het P-rendement na 1 jaar van de generatie 1994 bedraagt 46%. Hopelijk zet deze trent door.

Het P-rendement na 1,5 jaar wijkt de laatste jaren nauwelijks af van het P-rendement na 1 jaar. Dit komt omdat de studenten worden aangemoedigd zoveel mogelijk herkansingen te benutten in de zomer. Bij vakken die overblijven zijn vooral vakken uit het lentetrimester die dán getentamineerd worden.

Het P-rendement na 2 (of meer) jaren fluctueert rond de 60%.

Figuur 4

PP-rendementen

In figuur 5 zijn de PP-rendementen vanaf 1986 weergegeven.

Uit de figuur blijkt dat slechts een gering percentage van de studenten erin slaagt de D-fase in de nominale tijd te doorlopen. Toch is er vanaf de generatie 1986 tot en met de generatie 1991 een stijging van het percentage "nominaal" studerenden (van 5% tot 15%). Het merendeel van de studenten heeft 4 jaren nodig om de PP-fase te doorlopen en een niet onaanzienlijk deel zelfs 5 jaren of meer. Redenen hiervoor zijn dat sommige trimesters overvol zijn (b.v. trimester 3.2) en dat het afstudeerwerk veelal langer duurt dan de nominale 6 maanden. Met de verlenging van de studieduur tot 5 jaar en de ingezette afstemming daarop van het curriculum wordt beoogd de nomina­le en werkelijke studieduur bijelkaar te brengen. Vanaf het eerste cohort (generatie 1983 volgens de gehanteerde definitie) is het PP-rendement na 5 jaren of meer nooit lager dan 80% geweest.

Figuur 5

Afgelegde examens

In de periode 01-09-1994 - 31-08-1995 hebben 65 studenten (61 mannen en 4 vrouwen) hun propedeutisch examen en 66 studenten (60 mannen en 6 vrouwen) hun post propedeutisch examen behaald.

Ten opzichte van het voorgaande jaar steeg het aantal behaalde propedeutische examens van 44 tot 65. Het aantal behaalde postpropedeutische examens daalde van 92 tot 66.

Kwaliteitsbewaking

Bij de kwaliteitsbewaking van het onderwijs speelt de Opleidingscommissie een belangrijke rol. In het verslagjaar heeft de Opleidingscommis­sie Informatica (OCI) het curriculum geëvalueerd volgens een in 1993 ingevoerde opzet. Deze evaluatie is verder verfijnd t.o.v. het voorgaande jaar. Het rapport geeft inzicht in het selecterende, oriënterende en verwijzende aspect van de propaedeuse en de onderwijskwaliteit en de studeerbaarheid in het basisdeel. Middels dit instrument kunnen belemme­ringen in de studievoortgang van de studenten opgespoord en verminderd worden.

Bestaande plannen voor een aanpassing van het curriculum ter verbetering van de studeerbaarheid zijn ingepast in het nieuwe programma voor de 5-jarige cursusduur. Het 5-jarig curriculum is gestart in september 1995.

De in het studiejaar 1992-1993 opgezette intensievere begeleiding van de eerstejaars studenten is met ingang van het studiejaar 1994-1995 uitgebreid tot het zogenaamde tutor-systeem. De eerste­jaars worden in groepjes begeleid door een staflid tijdens wekelijkse bijeenkomsten. Doel is de studenten te stimuleren vanaf het begin serieus te studeren. Bijkomend voordeel is dat zeer snel ingegrepen kan worden als er zich problemen voordoen t.a.v. studiemateriaal, docenten of roosters. De vermindering van de begeleiding vanaf het derde jaar (minder instructies) heeft geen negatieve effecten teweeg gebracht en is eveneens voortgezet.

Naar verwachting zal het tutor-systeem verder ontwikkeld worden gezien de positieve resultaten.

  1. Faculteit (2)

    Документ
    1994 stond voor de faculteit Wiskunde en Informatica in het kader van het formuleren van het strategisch beleid voor de toekomst. Een toekomst waarvan duidelijk was dat er aanzienlijk minder financiën ter beschikking zouden komen uit
  2. Facolta’ di scienze matematiche fisiche e naturali

    Документ
    Nell’a.a. 2010/2011 l’offerta formativa in Fisica della Facoltà di Scienze Matematiche, Fisiche e Naturali presso l’Università della Calabria, si attua con i corsi di Laurea in Fisica (triennale) “nuovo ordinamento” (DM270).
  3. Faculté libre des Lettres et Sciences Humaines 2008/2009 Classes in English

    Документ
    Hall, E. T. (1963). The Silent Language. Greenwich, Conn. Fawcett Publications Inc. Hall, E. T. (1976). Beyond Culture. Garden City, N.Y., Anchor Press.
  4. Fakultet elektrotehnike i računarstva

    Документ
    za upis studenata na poslijediplomski znanstveni studij (redoviti studij) za stjecanje akademskog stupnja doktora znanosti (6 semestra) iz područja tehničkih znanosti znanstvenih polja
  5. Facultatea Limbi Străine şi Ştiinţe ale Comunicării

    Документ
    "Interconexiunea paradigmelor didactice şi metodologice în predarea limbilor străine", seminar metodologic (2011 ; Chişinău). Interconexiunea paradigmelor didactice şi metodologice în predarea limbilor străine : Materialele
  6. Facultad de Informática y Telecomunicaciones

    Документ
    [Inserte aquí la notificación de aprobación de la universidad] Es aquella que contiene la aceptación expresa del trabajo por parte de la institución, las firmas del presidente y miembros del tribunal, la evaluación que se otorga, así
  7. Facultatea de Drept, Universitatea Bucureşti – licenţa în drept

    Документ
    diferite stagii de specializare în management politic şi campanii electorale efectuate în cadrul unor programe ale National Democratic Institute şi International Republican Institute, Fundaţia „Friedrich Ebert”,etc.
  8. Fakultät für Technologie der Slowakischen Technischen Universität in Bratislava

    Документ
    (z.B.:) Software Entwickler, Datenbankadministrator, Web-Entwickler, Seniorentwickler, Juniorentwickler, Tester, Java-Programmierer, Hardware-Programmierer, Projekt Manager, usw.
  9. Facultatea de Management în Producţie şi Transporturi

    Документ
    Titlu: „Proiectarea optimală a sistemelor logistice” – susţinută la data de 27 ianuarie 1 la Universitatea de Vest din Timişoara şi avizată de CNATDCU în ziua de 25 februarie 1 , aprobată prin ordinul ministrului învăţământului nr.

Другие похожие документы..